
Verwarming
Condensatieketel
Op zoek naar een nieuwe verwarmingsinstallatie? Ga dan voor een energiezuinige condensatieketel op aardgas.
In een goed geïsoleerde woning kan hij tot dertig procent energie besparen! Zo’n ketel benut immers de warmte die nog in de rookgassen zit. Die gaat bij een gewone ketel verloren door de schoorsteen.
Condensatieketels zijn niet veel duurder dan de klassieke. De investering loont in elk geval, want je wint aan rendement. Op termijn haal je de meerkost eruit, en vanaf dan bespaar je blijvend.
Als je aan de voorwaarden voldoet, kun je bovendien een premie voor rationeel energiegebruik ontvangen van Eandis.
Meer weten? Klik hieronder.
- Wat is een condensatieketel?
Een condensatieketel is een moderne hoogrenderende verwarmingsketel die energie recupereert uit de rookgassen. Die energie gaat anders verloren door de schoorsteen.De condensatieketel is daardoor efficiënter dan de traditionele ketels. Zijn rendement ligt elf procent hoger dan dat van een hoogrendementsketel.
Installeer je een condensatieketel in combinatie met een modulerende thermostaat en/of een weersafhankelijke regeling, dan kun je tot zo’n dertig procent energie besparen ten opzichte van een klassieke ketel. De besparing kan nog hoger liggen wanneer je vergelijkt met oude ketels of slechte installaties.
- Hoe werkt een condensatieketel?
Bij de verbranding van aardgas komt veel waterdamp vrij. Die verdwijnt bij een klassieke ketel gewoon mee door de schoorsteen. Omdat een condensatieketel op een lagere watertemperatuur werkt, is de temperatuur van de rookgassen ook aanzienlijk lager. Daardoor kan deze waterdamp het dauwpunt bereiken, en zo condenseren. ‘Condenseren’ is de omzetting van de waterdamp naar water op het dauwpunt.Bij dat condenseren komt energie vrij. Die wordt gerecupereerd via een warmtewisselaar. Dat is een apparaat dat warmte van het ene medium (vloeistof, gas) overbrengt naar een ander medium, waarbij de warmte van het warmere medium naar het koudere wordt overgedragen. Door de overdracht van deze warmte zal het afgekoelde water dat terugkeert van de radiatoren, kunnen worden voorverwarmd. Dat voorverwarmen van het terugkerende water betekent dan ook de energiewinst ten opzichte van een niet condenserende ketel en geeft het hogere rendement.
- Een condensatieketel optimaal gebruiken
Condensatieketels zijn perfect te regelen, enerzijds door een weersafhankelijke regeling aan de hand van de buitentemperatuur, anderzijds door een thermostaat die bijstuurt op basis van de gemeten binnentemperatuur.Zo past de ketel zijn vermogen doorlopend aan de vraag aan via zijn modulerende brander door dan weer wat minder, dan weer wat meer vermogen. Op die manier werkt hij energiezuiniger, in tegenstelling tot een oude ketel die telkens op vol vermogen zal werken om de gevraagde temperatuur te bereiken.
Naast het verbruiksverschil door het niet moeten starten en stoppen, houdt het water ook zijn temperatuur in het hele verwarmingssysteem aan, in plaats van telkens te moeten opwarmen en afkoelen. De start/stopverliezen worden daarmee tot een minimum herleid. Vergelijk het met een auto: stoppen en terug vol gas geven, tegenover continu rijden op een deel van het vermogen, geeft een aanzienlijk verschil in brandstofverbruik.
- Een betere verbranding
Omdat de condensatieketels uitgerust zijn met een ‘premixbrander’ kan het gas/luchtmengsel beter worden gestuurd, zowel bij deellast als bij vollast. In zo’n type brander worden de juiste hoeveelheden gas en lucht gemengd en is de verhouding gas/lucht altijd correct omdat hij met een ventilatorgestuurde luchtaanvoer werkt. Dat zorgt voor optimale verbranding en condensatie. In tegenstelling tot een klassieke atmosferische brander wordt het optimale dauwpunt van 58,6 °C maximaal benaderd. - Is zo'n ketel overal te plaatsen?
Condensatieketels bestaan in zowel wand- als vloermodellen. De wandmodellen zijn uiterst geschikt voor kleinere woningen of appartementen: zeer compact en weinig vloeroppervlakte. Ze kunnen dus zowat overal worden geplaatst.Zelfs een keukenkast kan volstaan. Vloerketels zijn dan weer beschikbaar in grotere vermogens.De afvoer van rookgassen kan via een bestaande schouw, maar een eenvoudige opening in een buitengevel kan al volstaan om de resterende rookgassen te doen verdwijnen. Bij de schouwoplossing moet in de schouw wel een buis worden geplaatst om vocht te vermijden. En als je de ketel op zolder plaatst, dan kun je met eenvoudige dakelementen in het formaat van een dakpan, de toe- en afvoer realiseren. De meeste condenserende gaswandketels hebben een concentrische buis langs waar zowel verbrandingslucht aangevoerd wordt als rookgassen afgevoerd worden. Deze gesloten toestellen zorgen ervoor dat er geen interactie is met de lucht in de woning.
Wel moet het condenswater van de waterdamp altijd kunnen wegvloeien. Dat mag via de gewone afvoer naar de riolering. Zo’n afvoer dient natuurlijk in de buurt van de ketel aanwezig te zijn, zoniet kan een condensaatpomp een oplossing bieden. - Een goede plaatsing is een must
Laat je installatie plaatsen door een vakman. De winst aan rendement gaat immers totaal verloren indien de installatie slecht wordt afgesteld.Het vermogen van de ketel moet goed en juist berekend zijn: niet te weinig, maar zeker ook niet te veel. Dat is niet alleen duurder, maar het rendement daalt ook. Soms wordt de vergissing begaan om de installatie toch te overdimensioneren om zo ook de behoefte aan warm water te dekken.
Ook de temperatuurinstellingen dienen correct te zijn. Let vooral op de juiste verhouding tussen de temperaturen van het inkomende en het vertrekkende water. En je moet zeker een nieuwe, aangepaste thermostaat laten installeren. Ga ook zelf geregeld de informatie na op de display van de installatie.
- Zijn er speciale radiatoren nodig?
Dat is afhankelijk van woning tot woning. De radiatoren, convectoren of de vloerverwarmingselementen moeten in ieder geval voldoende groot zijn. Ze mogen zelfs gerust overgedimensioneerd zijn. In oudere woningen zijn de radiatoren in feite op zich al overgedimensioneerd.Waarom luidt het devies ‘Hoe groter, hoe beter’ voor radiatoren, convectoren of de vloerverwarmingselementen bij een condensatieketel? Omdat de meeste winst van een condensatieketel geboekt wordt als de temperatuur van het terugkerende water naar de ketel het laagst is. Het terugkeerwater naar de ketel moet immers voldoende afgekoeld zijn, ideaal tot zo’n 30 °C. Die lage temperatuur is belangrijk omdat het condenseren van de aardgaswaterdamp een goede 55 °C temperatuur oplevert. Ze is dus nodig voor een maximale condensatie van de waterdamp gedurende gans het stookseizoen.
Samengevat: hoe lager de temperatuur van het water bij de uitgang van de radiatoren, hoe groter de hoeveelheid gecondenseerde waterdamp en hoe beter het rendement van de ketel. Dat gaat makkelijker in grotere radiatoren, convectoren of vloerverwarmingselementen.
- Is zo'n condensatieketel duurder?
Tegenover de klassieke toestellen is er een beperkte meerkost. Aangezien dit type verwarmingsinstallatie lichtjes zuur condensatiewater produceert, moeten de condensatieketels uit een silicium-aluminiumlegering of in roestvrij staal worden gemaakt. Dat zijn duurdere materialen, maar daar staat tegenover dat zij wel een langere levensduur van deze ketels garanderen. Ook moet je, als je met een schouw werkt voor de afvoer van de rookgassen, de kosten rekenen voor het plaatsen van een buis in de schouw. Maar de winst aan rendement maakt die meerkost snel goed. - Premies, fiscaal voordeel, overheidssteun
- Om energiebesparingen aan te moedigen, geeft Eandis op haar grondgebied en onder bepaalde voorwaarden premies voor wie investeert in energiezuinige toepassingen.
- Ga ook even na op http://www.premiezoeker.be/ of http://www.energiesparen.be/ of je in aanmerking komt voor belastingvermindering of tussenkomsten van de federale, gewestelijke, provinciale of gemeentelijke overheden.
- Even voorrekenen
We nemen het voorbeeld van een vrijstaande woning met een jaarlijks verbruik van 35 000 kWh:- Jaarlijkse besparing door het plaatsen van een condensatieketel: 7 800 kWh
- Berekend aan een aardgastarief van 0,04 euro per kWh betekent dat: 312 euro
- Bovendien krijg je van Eandis een premie van 125 euro
- En 40 procent van de investering komt in aanmerking voor belastingvermindering, met een maximum van 2 650 euro (voor 2008).
Zo is de investering terugverdiend op maximum tien jaar. Vanaf dan levert je condensatieketel nettowinst op voor vele jaren!
Kamerthermostaat en thermostaatkranen
Voor een centrale verwarming heb je een thermostaat nodig. Die stuurt de verwarmingsketel om zo de gevraagde warmte binnenshuis te krijgen.
Maar vandaag kun je veel verder gaan: er zijn thermostaten die de buitentemperatuur voelen en zo de werktemperatuur van de ketel aanpassen. Daardoor zal de ketel op een zo laag mogelijk vermogen toch de gewenste temperatuur kunnen bieden en dit in functie van het seizoen.
Bovendien moet je altijd zo veel mogelijk gebruik maken van thermostaatkranen op de radiatoren. Zij regelen per kamer de temperatuur en gebruiken de aanwezige warmte uit andere bronnen, waardoor je veel energie kunt besparen.
En als je aan de voorwaarden voldoet, dan kun je voor thermostaatkranen bovendien een premie voor rationeel energiegebruik ontvangen van Eandis.Meer weten? Klik hieronder.
- De kamerthermostaat
Met een kamerthermostaat regel je de verwarmingsketel in functie van de warmte binnenshuis. Om uit je ketel een maximaal rendement te halen, is een goede thermostaat onmisbaar.Zo’n kamerthermostaat staat in verbinding met de ketel en signaleert wanneer het te warm of te koud is. Bij een te lage temperatuur laat hij de ketel opstarten, bij een te hoge temperatuur legt hij de ketel stil.
Meestal is de kamerthermostaat gekoppeld aan een klok, waardoor je overdag en ’s nachts andere temperaturen kunt instellen. Vaak zijn er nog andere instelmogelijkheden, zoals bij vakantie, weekend- of weekdag enz.
- De 'modulerende' kamerthermostaat: een stuk efficiënter!
Een gewone kamerthermostaat laat de ketel starten of stoppen op basis van de gevraagde binnentemperatuur. In dat geval spreken we over een aan/uit-regeling. Vandaag bestaan er echter betere versies waardoor je fors op energie kunt besparen: de ‘modulerende’ thermostaat, met eventueel een weersafhankelijke regeling.Zo’n modulerende thermostaat, die de ketel rechtstreeks aanstuurt, regelt de temperatuur van het ketelwater in functie van de binnentemperatuur. De temperatuur van het water zal dus worden aangepast aan de warmtevraag.
Een modulerende thermostaat werkt enkel in combinatie met een bijbehorende modulerende ketel, bijvoorbeeld een HR+ of HR-Top. Die combinatie zorgt ervoor dat de ketel zo zuinig mogelijk werkt. Staat bijvoorbeeld de temperatuur ingesteld op twintig graden en duikt de temperatuur onder deze grens, dan zal de modulerende thermostaat ervoor zorgen dat de gewenste temperatuur wordt bereikt, maar dan wel op zo’n laag mogelijk vermogen. De ketel zal dus niet ofwel aanslaan op vol vermogen, ofwel volledig uit staan, maar hij zal wisselend op meer of minder vermogen draaien, en dat best continu.
Je kunt het eigenlijk best vergelijken met het rijden met de wagen: dezelfde afstand in een stad rijden met telkens stoppen en terug starten (= gewone thermostaat) zal meer doen verbruiken dan diezelfde afstand af te leggen op een autosnelweg door continu te rijden en lichtjes te versnellen of te minderen (= modulerende thermostaat).
- Weersafhankelijke regeling
Optioneel kan de modulerende thermostaat uitgerust worden met een buitenvoeler. Daardoor bekom je een weersafhankelijke regeling. Dat is een systeem dat niet is afgestemd op de temperatuur in één vertrek maar op de buitentemperatuur. Zo’n systeem reageert vlugger op een verandering van de buitentemperatuur en het brandstofverbruik daalt gevoelig.
Bij koud weer doet hij de watertemperatuur stijgen om zo de gewenste kamertemperatuur te bereiken. Bij zacht weer is een lagere watertemperatuur voldoende. Door die lagere ketelwatertemperatuur bij zachte buitentemperaturen zakt het energieverbruik.Het systeem werkt door een voortdurende vergelijking van binnen- en buitentemperatuur op basis van een watertemperatuurvoeler voor het ketelwater en een buitentemperatuurvoeler voor de buitentemperatuur. Die laatste zit op een buitengevel, maar nooit aan de zonzijde.
Een regelaar met een in te stellen ‘stooklijn’ vergelijkt continu beide voelers en geeft in functie daarvan de bevelen aan de ketel. Als het buiten kouder wordt, dan verhoogt de temperatuur van het ketelwater, en omgekeerd. Die stooklijn is dus de relatie tussen de buitentemperatuur en de ketelwatertemperatuur. Ze kan manueel worden bijgesteld, maar de relatie is niet noodzakelijk lineair en varieert van gebouw tot gebouw. Daarom is het correct bepalen van een stooklijn specialistenwerk.
In sommige gevallen kan zo’n regeling op een oudere installatie worden geplaatst. Raadpleeg hiervoor je installateur. - Thermostaatkranen
Thermostaatkranen op de radiatoren zijn onmisbaar bij een moderne installatie. Ze zorgen ervoor dat een meer nauwkeurige regeling van de verwarming mogelijk is, aangepast aan elke ruimte. Ze regelen de temperatuur dus per vertrek.Door thermostaatkranen te gebruiken, profiteer je automatisch van de gratis warmte van de zon of van andere warmtebronnen in de kamer. Op een zonnige dag in de winter kan langs de zuidzijde heel wat warmtestraling binnenkomen via de ramen. De thermostaatkraan in die ruimte zal zich dan geheel of gedeeltelijk sluiten.
Thermostaatkranen bevatten immers een warmtegevoelige voeler die zich in de kraan zelf bevindt. Die voeler vergelijkt voortdurend de temperatuur van de omgevende lucht met de temperatuur die is ingesteld op de wijzerplaat van de kraanknop. Wanneer die temperaturen ongelijk zijn, laat de kraan naar behoefte meer of minder warm water in de radiator stromen.
Bij andere soorten thermostaatkranen zit in de kop van de kraan een vloeistof- of gasvulling die uitzet of krimpt onder invloed van de omgevingstemperatuur. Dat krimpen en uitzetten zorgt dat de kraan zich automatisch opent of sluit, naarmate het respectievelijk te koud of net warm genoeg is in de kamer.
Opgelet! Thermostaatkranen plaatsen in dezelfde ruimte als die van de kamerthermostaat heeft geen zin: ze kunnen elkaar immers tegenwerken. Als je een lagere temperatuur vraagt aan de radiatorkranen dan deze die op de kamerthermostaat staat ingesteld, zal de thermostaat de keteltemperatuur opdrijven om de temperatuur te bereiken die daar werd ingesteld (die hoger is dan de radiatorkraan vraagt). In dezelfde ruimte werken ze mekaar dus tegen en zorgen ze voor een meerverbruik.
Indien er toch thermostaatkranen zijn in dezelfde ruimte als de kamerthermostaat, dan zet je best de thermostaatkranen volledig open of verwijder je deze.Hoe warm waar?
* afhankelijk van het merkCijfer op de kraan … …geeft deze temperatuur in °C * * 7 1 12 2 16 3 20 4 24 5 Open kraan - In de gang of in de hal zet je best de thermostaatkraan op stand 2 (16°)
- In je living, bureau en werkruimten is stand 3 warm genoeg (20°)
- Zet nooit de kraan op stand 5 als je sneller wil opwarmen; het gaat niet sneller, maar je zult de kamertemperatuur doen oplopen en zo heel wat meer verbruiken
- Zet in de zomer je kranen wel op stand 5; dat verhindert dat de kranen geblokkeerd raken in de zomerse temperaturen; na de zomer natuurlijk terug een andere stand instellen!
- Premies, fiscaal voordeel, overheidssteun
- Om energiebesparingen aan te moedigen, geeft Eandis op haar grondgebied en onder bepaalde voorwaarden premies voor wie investeert in energiezuinige toepassingen.
- Ga ook even na op http://www.premiezoeker.be/ of http://www.energiesparen.be/ of je in aanmerking komt voor belastingvermindering of tussenkomsten van de federale, gewestelijke, provinciale of gemeentelijke overheden.
Regelingen
Wil je je verwarmingssysteem in school, bedrijf, openbaar of industrieel gebouw of huis optimaliseren, dan is een goede regeling van temperaturen en werking nodig.
Er bestaan verschillende mogelijkheden voor een optimale regeling. Zij spelen in op de ketels, op de kringen, op de werkingsperiodes enzomeer.
We zetten een paar mogelijkheden even op een rij. Zo krijg je een eerste idee van wat er bestaat, wat kan en niet kan. Zodat je kunt nadenken over een optimalisering van je eigen installaties. Meer gespecialiseerde informatie kan je dan verder helpen.
Meer weten? Klik hieronder.
- Weersafhankelijke regeling van een ketel
Optioneel kan de modulerende thermostaat uitgerust worden met een buitenvoeler. Daardoor bekom je een weersafhankelijke regeling. Dat is een systeem dat niet is afgestemd op de temperatuur in één vertrek maar op de buitentemperatuur. Zo’n systeem reageert vlugger op een verandering van de buitentemperatuur en het brandstofverbruik daalt gevoelig.
Bij koud weer doet hij de watertemperatuur stijgen om zo de gewenste kamertemperatuur te bereiken. Bij zacht weer is een lagere watertemperatuur voldoende. Door die lagere ketelwatertemperatuur bij zachte buitentemperaturen zakt het energieverbruik.Het systeem werkt door een voortdurende vergelijking van binnen- en buitentemperatuur op basis van een watertemperatuurvoeler voor het ketelwater en een buitentemperatuurvoeler voor de buitentemperatuur. Die laatste zit op een buitengevel, maar nooit aan de zonzijde.
Een regelaar met een in te stellen ‘stooklijn’ vergelijkt continu beide voelers en geeft in functie daarvan de bevelen aan de ketel. Als het buiten kouder wordt, dan verhoogt de temperatuur van het ketelwater, en omgekeerd. Die stooklijn is dus de relatie tussen de buitentemperatuur en de ketelwatertemperatuur. Ze kan manueel worden bijgesteld, maar de relatie is niet noodzakelijk lineair en varieert van gebouw tot gebouw. Daarom is het correct bepalen van een stooklijn specialistenwerk.
In sommige gevallen kan zo’n regeling op een oudere installatie worden geplaatst. Raadpleeg hiervoor je installateur.
- Weersafhankelijke regeling van een kring
Indien de ketel beschikt over meerdere kringen, dan kun je de kringen zelf met een weersafhankelijke regelaar uitrusten. Daartoe wordt een ‘driewegkraan’ op het vertrek van elke kring geplaatst. Op die manier kun je de temperatuur en de gebruikstijd van elke kring optimaal instellen. Het is wel belangrijk om de kringsturing te integreren in de ketelsturing. Zo blijft de ketelwatertemperatuur steeds enkele graden hoger dan de meest vragende kring. - Glijdende regeling
De meeste weersafhankelijke regelingen kun je vervolledigen met een binnentemperatuurvoeler of een ‘compensatievoeler’. Die past de temperatuur van het vertrekwater aan in functie van de binnentemperatuur. Indien de binnentemperatuur te veel afwijkt van de ingestelde temperatuur, dan zal de weersafhankelijke regeling enkel de binnenvoeler als kamerthermostaat gebruiken en de invloed van de buitenvoeler negeren. Dat systeem heet een ‘weersafhankelijke regeling met glijdende ketelwatertemperaturen en binnentemperatuurcompensatie’. - Regeling van een kring door een kamerthermostaat
Een kamer- of ruimtethermostaat meet voortdurend de temperatuur van de ruimte het vertrek waarin hij staat en vergelijkt die met de gekozen temperatuur. Als de gemeten temperatuur onder de gewenste temperatuur daalt, geeft hij de installatie de opdracht om warm water naar de radiatoren te sturen. Zodra de gewenste temperatuur is bereikt, wordt de verwarming stopgezet. In dat geval spreken we over een aan/uit-regeling.Er is ook de mogelijkheid voor een modulerende regeling. Die bestaat altijd uit een bij elkaar horende ketel en thermostaat die in staat zijn om de gasvlam in de ketel te temperen naarmate de temperatuur in het vertrek dichter bij de ingestelde waarde komt. Modulerende systemen zijn zuiniger in gebruik en regelen nauwkeuriger.
Een kamerthermostaat moet in een referentielokaal worden aangebracht. Indien slechts één thermostaat de volledige installatie of een grote kring regelt, dan moet hij uiteraard op een correcte plaats staan: beschut tegen elke vorm van oververhitting of koude en liefst op een plaats waar de warmtebehoefte dezelfde is als in de lokalen waarvoor hij de temperatuur regelt. Plaats hem dus oordeelkundig en niet in een omgeving die aan een warmtebron is blootgesteld of op een buitenmuur.
Plaats geen thermostaatkranen in dezelfde ruimte als de kamerthermostaat: ze kunnen elkaars regelende werking verstoren. Als je een lagere temperatuur vraagt aan de radiatorkranen dan deze die op de kamerthermostaat staat ingesteld, zal de thermostaat de keteltemperatuur opdrijven om de temperatuur te bereiken die daar werd ingesteld (die hoger is dan de radiatorkraan vraagt). In dezelfde ruimte werken ze mekaar dus tegen en zorgen ze voor een meerverbruik.
Indien er toch thermostaatkranen zijn in dezelfde ruimte als de kamerthermostaat, dan zet je best de thermostaatkranen volledig open of verwijder je deze. - Optimizer
Regelaars met een gewone schakelklok hebben vaste schakeltijden, afgesteld op een tijdsschema of op buitentemperaturen. Maar regelaars met ‘optimalisatie’ berekenen het ideale starttijdstip, zodat het ’s morgens net tijdig warm is, niet te vroeg maar ook niet te laat.
Op die manier kan in het tussenseizoen de verwarming later opstarten.Voor de berekening van het starttijdstip wordt rekening gehouden met de buiten- en binnentemperatuur, het gedrag van het gebouw, zijn thermische karakteristieken enz. Omdat dit voor de gebruiker relatief complex wordt, bestaan er zelflerende regelaars. Die zijn eenvoudig in gebruik. Je moet alleen instellen wanneer het ’s morgens warm moet zijn. De regelaar berekent zelf het ideale start- en stoptijdstip.
- Premies, fiscaal voordeel, overheidssteun
- Om energiebesparingen aan te moedigen, geeft Eandis op haar grondgebied en onder bepaalde voorwaarden premies voor wie investeert in energiezuinige toepassingen.
- Ga ook even na op http://www.premiezoeker.be/ of http://www.energiesparen.be/ of je in aanmerking komt voor belastingvermindering of tussenkomsten van de federale, gewestelijke, provinciale of gemeentelijke overheden.
De warmtepomp
Warmte uit onze natuur halen? Het kan. Meer nog, er is voldoende warmte om in onze streken een grote woning te verwarmen. Met een warmtepomp haal je die warmte uit de lucht, het water of de bodem om ze te gebruiken in je huis.
Zo’n systeem is uitstekend geschikt wanneer je nieuw bouwt. Maar ook in een bestaande woning kun je het overwegen als een energiezuinige aanvulling van de bestaande stookinstallatie.
Met een warmtepomp gebruik je een milieuvriendelijke én rationele energiebron. Samen met een goed rendement zorgt hij ervoor dat je kunt besparen op je energieverbruik.
Als je aan de voorwaarden voldoet, kun je bovendien een premie voor rationeel energiegebruik ontvangen van Eandis.
Meer weten? Klik hieronder.
- Wat is een warmtepomp?
Het is een elektrisch aangedreven toestel (er bestaan tegenwoordig ook warmtepompen op aardgas) dat de warmte die permanent in de natuur aanwezig is, kan benutten om gebouwen te verwarmen. Een warmtepomp haalt de warmte, hoe gering ook, uit lucht, water of bodem, drie natuurelementen die een vrij constante temperatuur hebben. Ze zijn in overvloed aanwezig en bovendien gratis.Uit die natuurelementen wordt warmte onttrokken om ze vervolgens aan het warmteafgiftesysteem over te dragen. De installatie is vrijwel onderhoudsvrij, werkt geluidsarm en is milieusparend omdat er geen uitstoot van fossiele brandstoffen is en enkel de warmtepomp elektrisch aangedreven is.
- Hoe werkt een warmtepomp?
Net zoals water van hoog naar laag stroomt, stroomt warmte ook spontaan van een hoge naar een lage temperatuur. Om het omgekeerde te bereiken heb je een pomp nodig: een warmtepomp.Die pomp brengt de gratis omgevingswarmte uit lucht, water of bodem met een lagere temperatuur, op een hogere bruikbare temperatuur. In feite net zoals bij een koelkast: die pompt warmte uit de kast en uit de producten en geeft die via de achterwand vrij aan de omgeving. Gevolg? De temperatuur in de koelkast daalt, de temperatuur in de woning stijgt. Het enige verschil tussen een koelkast en een warmtepomp zit natuurlijk in de volumes van de ruimten waartussen de warmte wordt uitgewisseld.
De werking steunt op de verandering van de kooktemperatuur van een vloeistof bij de verandering van druk. Om warmte aan de omgeving te kunnen onttrekken om in de woning af te geven, maakt de warmtepomp gebruik van een speciale vloeistof die warmte goed geleidt. De belangrijkste eigenschap van die vloeistof is dat ze al op lage temperatuur verdampt en weer vloeibaar wordt. Deze vloeistof zorgt voor het warmtetransport tussen de warmtebron en het verwarmingssysteem.
Technisch zijn er vier belangrijke onderdelen: een compressor en een ontspanningsventiel zorgen voor de nodige drukverhoging of –verlaging, en via de verdamper en de condensor worden de warmteopname en -afgifte geregeld. Meer info over deze 4 onderdelen, zie technische info hieronder.
- Warmte uit de lucht, het water of de bodem?
Met een warmtepomp kun je zowel warmte ontrekken aan de lucht, het water of de ondergrond:- Uit de lucht
Deze systemen zijn vrij makkelijk te installeren en kosten iets minder. Maar door het koele Belgische klimaat leveren ze minder rendement op, vooral in de winter. - Uit water
Een warmtepomp kan de zonnewarmte die in water wordt opgeslagen, gebruiken om de woning te verwarmen. Het rendement schommelt echter ook met de buitentemperatuur. Uiteraard moet er in de nabijheid van de woning water voorhanden zijn in een voldoende grote hoeveelheid: een serieuze beek of grote vijver. - Uit grondwater
Bij dit systeem wordt een put op grote diepte geboord waaruit het grondwater wordt onttrokken. Het voordeel is dat dit water altijd een constante temperatuur heeft van +/- 12 °C. Het nadeel is de kostprijs: er is niet alleen de kost van de waterput, er moet ook een herwinput worden voorzien, want het water moet daarna terug naar de bodem.
Nog een andere methode bestaat erin om grondwater op te pompen en rechtstreeks naar de warmtepomp te sturen. Het afgekoelde water vloeit daarna terug in de herwinput. - Uit de grond
Via een systeem van buizen in de grond, waarin een speciale vloeistof circuleert, wordt de natuurlijke aardwarmte benut.
Op 1 meter diepte schommelt de bodemtemperatuur tussen 4 en 17°C. Op 5 à 7 m diepte is de invloed van seizoensschommelingen bijna verdwenen en heeft de bodem een temperatuur van 10 à 12°C. Dieper in de bodem stijgt de temperatuur langzamer namelijk met 1,5 à 3°C per 100 m.
Daardoor is de winstfactor van zo’n systeem zeer goed. De plaatsing is moeilijker, maar als je toch graafwerken op het terrein moet uitvoeren, bijvoorbeeld bij nieuwbouw, dan kunnen heel wat kosten worden bespaard. Voor een gemiddelde woning is voor een horizontaal buizensysteem een grondoppervlak vereist van 200 tot 500 m², afhankelijk van de grondsamenstelling en het vermogen van de warmtepomp. Meer info over de winstfactor, zie technische info hieronder.
- Uit de lucht
- Geschikt voor iedere woning?
Het plaatsen van een warmtepomp is vooral bij nieuwbouw interessant. De woning kan zelfs zo worden ontworpen dat een warmtepomp volstaat, zonder dat een ander verwarmingstoestel hulp moet bieden.Warmtepompen renderen goed in combinatie met vloerverwarming, omdat die werkt met een lage temperatuur in de verwarmingselementen. Dat drukt het verbruik. Bovendien kan ’s nachts de warmte worden opgeslagen, terwijl de warmtepomp werkt op elektrische stroom aan nachttarief.
Een warmtepomp kan ook in een bestaand huis worden geïnstalleerd, maar alleen als het goed is geïsoleerd en over een moderne verwarmingsinstallatie beschikt. Meestal wordt het als een energiezuinige aanvulling aan de bestaande stookinstallatie toegevoegd. In een bestaand gebouw dient wel een juiste berekening van de capaciteit van de bestaande radiatoren te gebeuren.
- Hoe groot is het rendement?
Warmtepompen gebruiken een kleine hoeveelheid elektriciteit om de warmte uit de natuur te benutten. Moderne installaties leveren gemiddeld een rendement van één op drie, tot één op vier. Dat wil zeggen dat je voor elke verbruikte kWh, drie tot viermaal zoveel energie uit de natuur terugkrijgt.Dat maakt warmtepompen juist zo energetisch interessant en bovendien milieuvriendelijk. Een warmtepomp installeren, is investeren voor de toekomst. Het systeem kost meer dan een klassieke verwarming, maar door het hoge rendement wordt dat zeker terugverdiend. Je kunt tot 40 procent besparen op het verbruik.
- Premies, fiscaal voordeel, overheidssteun
- Om energiebesparingen aan te moedigen, geeft Eandis op haar grondgebied en onder bepaalde voorwaarden premies voor wie investeert in energiezuinige toepassingen.
- Ga ook even na op http://www.premiezoeker.be/ of http://www.energiesparen.be/ of je in aanmerking komt voor belastingvermindering of tussenkomsten van de federale, gewestelijke, provinciale of gemeentelijke overheden.
- Technische informatie
Het begrip winstfactor (COP)
Een begrip waar je steevast mee in aanraking komt bij de warmtepomp is de winstfactor of COP - Coefficient Of Performance.
De compressor, die de druk en daarmee ook de temperatuur in het warmtedragend medium verhoogt, is het enige onderdeel van de warmtepomp dat energie verbruikt. Het energieverbruik van de compressor bepaalt hiermee ook de winstfactor van de warmtepomp.De winstfactor wordt berekend door de geleverde nuttige energie (Q2) van de warmtepomp te delen door de opgenomen elektrische energie (W) van de compressor.
Een goede warmtepomp levert voor elke kWh elektriciteit die de compressor verbruikt tussen 2,5 en 6 kWh nuttige warmte. De winstfactor bedraagt dan gemiddeld 2,5 tot 5.Ter vergelijking: een elektrische verwarming zal voor elke kWh elektriciteit die hij verbruikt slechts 1 kWh nuttige warmte opleveren. Dit komt overeen met een COP gelijk aan 1.
De belangrijkste onderdelen van een warmtepomp
Een compressor en een ontspanningsventiel zorgen voor de nodige drukverhoging of -verlaging en via de verdamper en condensor worden de warmteopname en -afgifte geregeld:- De verdamper
Die onttrekt de warmte aan de omgeving. Hij bevindt zich buiten de woning en staat in contact met de lucht, het water van een beek of meertje, het grondwater of de grond. De speciale vloeistof in de verdamper heeft een lagere temperatuur dan de lucht, het water of de bodem. Daardoor staat de warmere omgeving haar warmte af aan die vloeistof. Door de druk te verlagen begint de vloeistof te koken en wordt ze omgezet in damp. - De compressor
De compressor perst de damp onder hoge druk samen, wat de temperatuur ervan doet stijgen. Hij blijft de damp samendrukken tot die een hogere temperatuur heeft bereikt dan de lucht of het water van de verwarmingsinstallatie in de woning. - De condensor
Die brengt de warmte over naar de verwarmingsinstallatie. In de condensor koelt de damp af tot een vloeistof. Bij dit proces van condensatie, komt warmte vrij, die wordt gebruikt om de woning te verwarmen. Tegelijkertijd koelt de damp weer af tot een vloeistof. - Het ontspanningsventiel
Het ontspanningsventiel verlaagt de druk, waardoor het kookpunt van de speciale vloeistof weer daalt. De temperatuur zakt tot ze lager is dan die van de buitenomgeving en zo kan de kringloop opnieuw beginnen.
- De verdamper
